Ook de machines moesten er mooi uitzien bij Verkade

‘Goed om je weer te zien Klaas.’

Marieke Verweij, directeur Zaans Museum, informeert hartelijk hoe het met vrijwilliger Klaas gaat. Vanwege gezondheidsproblemen is hij als gastheer bij de Verkade Experience even uit de running. Aan de hartelijke reacties van de museummedewerkers te zien, wordt hij gemist.

Klaas Brasser: ‘Ze kijken hier echt naar je om. Dat voelt goed.’ De oud-werknemer van Verkade vertelt dat ook het bedrijf een sociale insteek had.

Klaas Brasser werkte ‘enige jaren’ bij Verkade. ‘Om wat meer precies te zijn zo’n 40 jaar. Bij Verkade was dat niet eens zo lang, want er waren werknemers die een halve eeuw volmaakte.’

Bij Verkade was hij technisch tekenaar van machines.

Klaas Brasser maakte ondermeer de tekeningen die nu te zien zijn bij de machines

Techniek

Klaas Brasser was betrokken bij de voorbereiding van het Verkadepaviljoen, dat is ontworpen als uitbreiding van het Zaans Museum. De gebouwen zijn via een transparante loopbrug met elkaar verbonden waarbij je uitkijkt over de Kalverpolder. In het paviljoen is de fabriekscollectie van Verkade te zien. Klaas bouwde hiervoor een verpakmachine om zodat deze repen kon inpakken, dacht mee over de inrichting en maakte tekeningen van machines, voor zover die niet er niet waren. En sinds de opening in 2009 is hij daar een dag per week vrijwilliger.

‘Bij een museum is veel kennis aanwezig van de geschiedenis, maar kennis van techniek is er meestal minder. Ze denken dat ik alles weet van techniek, maar dat is natuurlijk niet zo’, lacht Klaas Brasser. ‘Van de geschiedenis van Verkade weet ik niet zoveel. Maar wel heb ik het verhaal uitgezocht over de waxinefabriek. Dat is een buitenbeentje en het is leuk om daar een verhaal bij te vertellen.’

Sociaal bedrijf

De oprichter Ericus Verkade stond voor eendrachtige samenwerking en een duurzaam bedrijf, dat goede producten maakt, maar ook oog heeft voor de samenleving.

‘De collectie van Verkade is een grote aanwinst voor het museum. Veel mensen komen speciaal voor de Verkade Experience. Het is een goede en grote fabrikant met veel werknemers en zeer bekend in Nederland. Kenmerkend voor Verkade is dat het net als andere Zaanse fabrikanten ook een heel sociaal bedrijf was. Wanneer mensen vroeger problemen hadden, dan kwam de directeur thuis om te informeren hoe het bedrijf kon helpen. Dan werd bijvoorbeeld personeelszaken of een maatschappelijk werkster ingeschakeld. Natuurlijk moesten werknemers productie draaien, het was geen filantropisch bedrijf, want dan hadden ze geen bestaansrecht. Maar de directie van Verkade was vroeger wel heel sociaal.

Ze hadden het motto “Als wij goed zijn voor de mensen, dan zijn ze dat ook voor ons.”

En dat was ook zo. Veel mensen werkten hier tot hun pensioen.

In het Verkadepaviljoen is veel te zien wat verwijst naar het sociale karakter. Maar het gaat vooral om de productielijnen waar ik in een volgend verhaal meer over vertel.’

Meisjes van Verkade

Rond 1900 nam Verkade vrouwen in dienst. Dat was in die tijd zeer ongebruikelijk, daarom werden ze de meisjes van Verkade genoemd. ‘Zij kwamen voornamelijk uit Amsterdam en liepen dan in grote groepen vanaf het station naar de fabriek. Hier was werk voor ze. Later kreeg de fabriek ook een kinderopvang, dit was de eerste in Nederland. Toen weer later de fabriek veel Turkse gastarbeiders kreeg, gingen ook Turkse vrouwen hier werken.

Er was vroeger een aparte ingang bij de fabriek voor vrouwen en voor mannen. Want als die met elkaar zouden mengen, dan wist je niet wat er zou gebeuren. In de fabriek zelf kwamen ze elkaar wel tegen.’

Verkademeisjes, archief Zaans Museum
Dit beeld stond bij de ingang van de fabriek op de Westzijde.

Kunstzinnig

De Verkades omringden zich graag met kunstenaars en selecteerden de beste tekenaars, schrijvers en architecten voor hun albums en gebouwen.

‘De Verkades dachten niet alleen strikt functioneel. Zo vonden ze vormgeving heel belangrijk. Wij moesten doelmatige machines ontwerpen die ook aantrekkelijk zijn om naar te kijken en prettig om mee te werken. Een werknemer brengt daar immers zoveel tijd bij door, dan moet het ook aangenaam ogen. De Verkades hadden interesse in kunst. Uit het tweede huwelijk van Enrico stammen twee zonen die geen belangstelling hadden in fabricage. Eduard Verkade werd een bekende toneelspeler en Jan Verkade werd kunstschilder.’

Archief Zaans Museum

Verkadealbums

‘Begin 20e eeuw volgden mensen weinig scholing. Na de lagere school gingen de meeste mensen werken. De Verkades wilden iets doen aan de scholing van mensen.’ Zo besloot de toenmalige directie om Verkadealbums uit te geven, met mooie educatieve plaatjes en teksten over de natuur. In die tijd waren de schoolboeken nog erg saai, en deze albums werden zeer populair.

‘Eerst kochten ze een album met plaatjes in Duitsland van sprookjes, maar dat vonden ze geen succes. Daar konden mensen niets van leren. Met de kunstzinnige tak van de familie werd bedacht dat ze zich op de natuur wilden richten. Daarvoor trokken ze auteurs en schilders aan.’

Het bedrijf heeft jarenlang albums uitgegeven waarvoor men, door Verkadeproducten te kopen, de plaatjes bij elkaar kon sparen. Van 1903 tot 1940 zijn er 30 verschillende albums uitgeven, en nog vijf na 1965. De zeer omvangrijke collectie gerestaureerde originelen van de Verkadeplaatjes is te zien in het Verkade Paviljoen. De plaatjes waren zo populair dat er een speciaal ruilkantoor voor was. Dubbele plaatjes konden daar worden omgeruild, en men hoefde daarvoor alleen portokosten te betalen. In de hoogtijdagen kwamen er wel twee tot drieduizend aanvragen per dag binnen. Toen werkten er wel zo’n 25 mensen op deze afdeling.

Uit archief Zaans Museum

Overname

‘In de jaren tachtig was er een flinke crisis. Ook als kapitaalkrachtig bedrijf hou je het maar een paar jaar vol als je miljoenen per jaar verliest. In 1990 wordt Verkade onderdeel van het Engelse bedrijf United Biscuits. Tegenwoordig is het in handen van de Turkse Yildiz Holding. 

Wanneer je wordt overgenomen door een groot concern, dan kijken zij waar ze het beste de producten kunnen maken. Sindsdien is de chocoladefabriek bijvoorbeeld gesloten. Ook café noir is verplaatst naar een andere fabriek. De smaak, structuur en uiterlijk is sindsdien veranderd. Jammer, maar dat heeft waarschijnlijk met kosten te maken.

De overname heeft ook betekend dat het bedrijf nog altijd bestaat. De chocoladefabriek en de waxinefabriek zijn na de overname gesloten.

In Zaandam wordt nog altijd biscuit gemaakt.’

Waxine, een vreemde eend in de Verkadebijt

6 december 2021 Sarah Vermoolen Geschiedenis, Musea, Ondernemen (mvo), Vrijwilligers 0

De naam waxine is heel bekend. Wellicht minder bekend is dat het een merknaam is van Verkade.

Klaas Brasser is vrijwilliger bij de Verkade Experience. ‘Omdat waxine een vreemde eend is bij Verkade heb ik het verhaal uitgezocht. Zodat ik bezoekers daar meer over kan vertellen.’

Oliefabriekje

‘Het verhaal begint bij Ericus Verkade (1835-1907). Hij is in Vlaardingen geboren als zoon van een notaris. Na het vroege overlijden van zijn vader verhuisde hij met zijn moeder naar de Zaanstreek, waar ze vandaan kwam. Hij ging vervolgens naar kostschool. Uit de erfenis kocht hij een oliefabriekje in de Zaanstreek. Daar ging hij op 17-jarige leeftijd naar toe om het vak te leren. Hij had het geluk dat de werknemers hem lesgaven in het maken van olie, want daar had hij geen verstand van. Er werd voornamelijk verlichtingsolie gemaakt, geen consumptieolie. In 1875 ging het fabriekje in vlammen op. Daar kon je op wachten als je in een oliefabriek met een open vlam werkt zoals dat toen nog gebruikelijk was met verlichting.’

Brood, beschuit en ontbijtkoek

‘Ericus was een heel slimme man. Vanwege de opkomst van petroleum en gaslicht wist hij dat het niet slim was opnieuw een oliefabriek te bouwen. Hij handelde met zijn zwager al in oliehoudende granen en daar gingen ze mee door. De handel ging goed. Inmiddels was hij getrouwd en had vijf kinderen.

Zijn tweede oudste zonen wilden ook iets maken. In die tijd werd het brood vanuit Amsterdam naar de Zaanstreek gebracht. Dat was omslachtig omdat het over het IJ moest worden vervoerd. Brood wordt altijd gegeten, daar kon je je geen buil aan vallen. Daarom startte Ericus Gerhardus Verkade op 2 mei 1886 een broodfabriek op de Westzijde aan de Zaan. Hij was de vijftig toen al gepasseerd. De stoom, brood en beschuitfabriek kreeg de naam De Ruyter. Die was ‘geleend’ van de eerste meelmolen van West Zaandam die op de plek stond van de eerste Verkadefabriek.’

Ericus stuurde zijn zonen naar Engeland, waar ze het vak van biscuit maken leerden, en managementvaardigheden opdeden. Vooral zoon Ericus Jr bleek een grote bron van creativiteit. Mede door deze creativiteit werd het bedrijf daarna zeer succesvol.

Waxine

‘Een dochter van Ericus was getrouwd met Morris Broad Fowler, een Engelsman die paraffine nachtlichtjes maakte. Dat fabriekje liep niet. Toen de jongste zoon van Ericus daarover hoorde, besprak hij dat met zijn vader. Die vond het wel een interessant idee. Zeker omdat hij nog altijd affiniteit had met een dergelijk product die hem herinnerde aan zijn eerste fabriek.

Op de zolder van hun grachtenhuis in Amsterdam startten ze in 1898 met waxine thee- en nachtlichtjes.

In die tijd was het niet gebruikelijk om reclame te maken. Het was een ongeschreven wet dat een goed product zichzelf verkocht. Maar hoe je dat met een nieuw product? De zaken liepen niet goed. Tot ze een order kregen van tienduizenden lichtjes voor het kroningsfeest van een Engelse koning, waarmee de straten werden verlicht. Die grote order van de Engelse regering is waarschijnlijk ook in de kranten terechtgekomen. Als de Engelse regering zo’n order plaatst dan moet het wel goed zijn. Sindsdien nam de vraag toe en werd de zolder te klein voor een grote productie. Omdat ze in Zaandam al een broodfabriek hadden, kochten ze aan de overkant van de Westzijde aan de vaart een stuk land om daar vanaf 1902 in een fabriek waxinelichtjes te maken. Hier werd ook een stuk aan toegevoegd met het laboratorium.’

Wellicht vind je het ook leuk om te lezen hoe het verder met de fabriek ging? Lees dan ook het vervolg hieronder hoe de Verkades hun fabrieken verder ontwikkelden.

Het probleem met brood

‘In de begintijd was het heel moeilijk voor de broodfabriek. Plaatselijke bakkers zagen hun klandizie teruglopen en zij verspreidden geruchten dat het brood van de fabriek slecht was.’ Ze probeerden het bedrijf zwart te maken door te suggereren dat er steentjes in het meel zaten. Maar juist in de fabriek werd het meel gezeefd, waardoor er een constante kwaliteit kon worden geleverd, wat bij de bakkers niet het geval was.

‘Ondanks de tegenwerking zette het bedrijf door. Het was gebruikelijk om naast het broodbakken ook andere producten te maken. Met de warmte bij het opstarten van de oven en wanneer deze na gebruik afkoelde kon je met de lage temperaturen ontbijtkoek en beschuit maken. Brood kun je alleen in de nacht bakken, het voordeel was dat je de andere producten ook overdag kon maken. Tijdens de Eerste Wereldoorlog kwam er via de blokkades geen granen en biscuits meer vanuit Engeland. Omdat ze nog wel wat meel hadden, zijn ze vanaf 1910 biscuit gaan maken, die oorspronkelijk alleen in Engeland werd gemaakt. Ze gebruikten daarvoor waarschijnlijk het recept van Engelse bakkers. Ik vermoed dat ze met de Mariabiscuit zijn begonnen. Deze wordt nog steeds internationaal verkocht, soms onder een ander naam, maar altijd in dezelfde vorm.’

Chocolademakers

‘Tijdens de Eerste Wereldoorlog was er wel voldoende suiker, omdat dit in Nederland werd gemaakt. Ze gingen daarom suikerwerk maken, fondant, toffees en bonbons. Voor het binnenwerk gebruikten ze suiker en vetten, de chocolade om er overheen te gieten kochten ze van een firma in Westzaan. Bij Verkade gold dat wanneer je een goed product wilde leveren de kwaliteit goed moest zijn. Daar hoorde ook iets hogere prijzen bij. Toen ze steeds meer chocolade moesten inkopen, besloten ze het zelf vanaf 1918 in hun eigen chocoladefabriek te maken. Zo hadden ze de kwaliteit in eigen hand. Ze groeiden uit tot de bekendste chocolademakers van Nederland. Bij de koekfabriek werden stukken aangebouwd voor de chocoladefabriek.’

In 1918 bestond het bedrijf Verkade naast de broodfabriek ook uit een waxinefabriek, een biscuitfabriek, en een chocoladefabriek. Er werden fraaie fabrieksgebouwen neergezet, ontworpen door gerenommeerde architecten, waar mensen graag werkten.

‘In 1919 werd bij wet nachtarbeid verboden en voor 10 uur mocht je geen brood verkopen. Toen werd het heel moeilijk, want als je overdag brood bakt dan kun je dat niet in de ochtend vers verkopen. De familie paste zich steeds aan aan de omstandigheden. Ze stopten in 1920 met brood maken en gingen door met ontbijtkoek en beschuit. De ovens werden aangepast om biscuit te maken. In 1924 werd er een aparte biscuitfabriek gebouwd aan de vaart, want de grondstoffen kwamen toentertijd voornamelijk over water.

Dit is het verhaal waarom Verkade dus ook waxinelichtjes maakt. En dat het van merknaam een soortnaam is geworden. Na de overname door United Biscuits sluit in 1991 de waxinefabriek. Bolsius neemt de productie over.

Serie Verkade Experience

Ook de machines moeten er goed uitzien bij Verkade

Koek, chocolade en waxine bij Verkade

Waxine, vreemde eend in de Verkadebijt